Box 3 blijft boven de markt hangen
Prinsjesdag: waar liggen de kansen voor beleggers?
Economie
Investeringen overheid
De begrotingsplannen zijn geen reden om individuele aandelen direct als koopkans te zien. Ze wijzen wel op sectoren waarin de komende jaren veel geïnvesteerd moet worden. Binnen ieder thema zijn meerdere beursgenoteerde ondernemingen actief.
Infrastructuur
Arcadis en Vinci
Arcadis is sterk vertegenwoordigd in advies en engineering rond infrastructuur, water en stedelijke ontwikkeling. Het Franse Vinci is veel groter en combineert bouw en infrastructuur met onder meer concessies voor snelwegen en luchthavens. Daarmee bieden beide ondernemingen een verschillende blootstelling aan hetzelfde langetermijnthema.
Woningbouw
Heijmans en BAM
Heijmans en BAM zijn beide actief in de Nederlandse bouw- en infrastructuurmarkt. Investeringen in woningbouw en verduurzaming kunnen voor beide relevant zijn. Daartegenover staan risico’s als hogere bouwkosten, economische tegenwind en vertraging bij vergunningverlening.
Elektriciteitsnetten
Prysmian en Nexans
Het Italiaanse Prysmian en het Franse Nexans behoren tot de grote Europese kabelproducenten. De uitbreiding en verzwaring van elektriciteitsnetten, offshore windverbindingen en verdere elektrificatie zorgen voor een structureel groeiende vraag naar hoogwaardige kabelsystemen.
Energie-infrastructuur
Vopak en Enagás
Vopak is groot in opslaginfrastructuur en investeert daarnaast in nieuwe energieketens. Het Spaanse Enagás beheert belangrijke gasinfrastructuur en richt zich eveneens op toekomstige energiedragers, waaronder waterstof. De energietransitie biedt kansen, maar vraagt tegelijkertijd grote investeringen en kent politieke en technologische onzekerheden.
Prinsjesdag levert daarmee geen lijst met aandelen om te kopen op. De plannen maken vooral zichtbaar waar de komende jaren veel publiek én privaat kapitaal nodig zullen zijn. Voor beleggers kan het daarom interessanter zijn om zulke structurele thema’s te volgen en vervolgens zelf binnen een sector bedrijven, waarderingen en risico’s met elkaar te vergelijken.
Pluspunt vastgoed
Voor vastgoedbeleggers is er een klein pluspunt. Het kabinet stelt voor de overdrachtsbelasting voor woningen die niet door de koper zelf worden bewoond in 2027 te verlagen van 8 naar 7 procent. Dat maakt de aankoop van een beleggingswoning iets goedkoper, maar verandert het speelveld niet fundamenteel. Financieringskosten, huurregulering, onderhoud en de fiscale behandeling in Box 3 blijven minstens zo belangrijk voor het uiteindelijke rendement.
Het nieuwe box 3-stelsel staat formeel nog altijd gepland voor 1 januari 2028, maar de precieze invulling is onzeker. Het kabinet wil het voorstel aanpassen en onderzoekt een vermogenswinstbelasting. Tot die tijd blijft het huidige stelsel met forfaitaire rendementen bestaan, waarbij belastingplichtigen een lager werkelijk rendement kunnen aantonen. Voor beleggers blijft de fiscale behandeling van vermogen daarmee een belangrijke factor. Zeker bij grotere vermogens kan de verdeling tussen spaargeld, aandelen, vastgoed en eventueel vermogen binnen een bv aanzienlijke fiscale gevolgen hebben.
Ook groen beleggen verliest een belangrijk fiscaal voordeel. De vrijstelling voor groen sparen en beleggen daalt in 2027 naar slechts 200 euro per belastingplichtige. Daarmee verdwijnt de belastingvrijstelling praktisch als argument om voor een groenfonds te kiezen. Rendement en risico worden daardoor belangrijker.
Box 3 blijft een onzekere factor voor beleggers. Tegelijkertijd bieden de kabinetsplannen voor miljardeninvesteringen in infrastructuur, woningbouw en energie aanknopingspunten. Vooral elektriciteitsnetten en energieopslag kunnen de komende jaren interessante beleggingsthema’s zijn.
Prinsjesdag: waar liggen de kansen voor beleggers?
Box 3 blijft boven de markt hangen
Investeringen overheid
De begrotingsplannen zijn geen reden om individuele aandelen direct als koopkans te zien. Ze wijzen wel op sectoren waarin de komende jaren veel geïnvesteerd moet worden. Binnen ieder thema zijn meerdere beursgenoteerde ondernemingen actief.
Infrastructuur
Arcadis en Vinci
Arcadis is sterk vertegenwoordigd in advies en engineering rond infrastructuur, water en stedelijke ontwikkeling. Het Franse Vinci is veel groter en combineert bouw en infrastructuur met onder meer concessies voor snelwegen en luchthavens. Daarmee bieden beide ondernemingen een verschillende blootstelling aan hetzelfde langetermijnthema.
Woningbouw
Heijmans en BAM
Heijmans en BAM zijn beide actief in de Nederlandse bouw- en infrastructuurmarkt. Investeringen in woningbouw en verduurzaming kunnen voor beide relevant zijn. Daartegenover staan risico’s als hogere bouwkosten, economische tegenwind en vertraging bij vergunningverlening.
Elektriciteitsnetten
Prysmian en Nexans
Het Italiaanse Prysmian en het Franse Nexans behoren tot de grote Europese kabelproducenten. De uitbreiding en verzwaring van elektriciteitsnetten, offshore windverbindingen en verdere elektrificatie zorgen voor een structureel groeiende vraag naar hoogwaardige kabelsystemen.
Energie-infrastructuur
Vopak en Enagás
Vopak is groot in opslaginfrastructuur en investeert daarnaast in nieuwe energieketens. Het Spaanse Enagás beheert belangrijke gasinfrastructuur en richt zich eveneens op toekomstige energiedragers, waaronder waterstof. De energietransitie biedt kansen, maar vraagt tegelijkertijd grote investeringen en kent politieke en technologische onzekerheden.
Prinsjesdag levert daarmee geen lijst met aandelen om te kopen op. De plannen maken vooral zichtbaar waar de komende jaren veel publiek én privaat kapitaal nodig zullen zijn. Voor beleggers kan het daarom interessanter zijn om zulke structurele thema’s te volgen en vervolgens zelf binnen een sector bedrijven, waarderingen en risico’s met elkaar te vergelijken.
Economie
Pluspunt vastgoed
Voor vastgoedbeleggers is er een klein pluspunt. Het kabinet stelt voor de overdrachtsbelasting voor woningen die niet door de koper zelf worden bewoond in 2027 te verlagen van 8 naar 7 procent. Dat maakt de aankoop van een beleggingswoning iets goedkoper, maar verandert het speelveld niet fundamenteel. Financieringskosten, huurregulering, onderhoud en de fiscale behandeling in Box 3 blijven minstens zo belangrijk voor het uiteindelijke rendement.
Het nieuwe box 3-stelsel staat formeel nog altijd gepland voor 1 januari 2028, maar de precieze invulling is onzeker. Het kabinet wil het voorstel aanpassen en onderzoekt een vermogenswinstbelasting. Tot die tijd blijft het huidige stelsel met forfaitaire rendementen bestaan, waarbij belastingplichtigen een lager werkelijk rendement kunnen aantonen. Voor beleggers blijft de fiscale behandeling van vermogen daarmee een belangrijke factor. Zeker bij grotere vermogens kan de verdeling tussen spaargeld, aandelen, vastgoed en eventueel vermogen binnen een bv aanzienlijke fiscale gevolgen hebben.
Ook groen beleggen verliest een belangrijk fiscaal voordeel. De vrijstelling voor groen sparen en beleggen daalt in 2027 naar slechts 200 euro per belastingplichtige. Daarmee verdwijnt de belastingvrijstelling praktisch als argument om voor een groenfonds te kiezen. Rendement en risico worden daardoor belangrijker.
Box 3 blijft een onzekere factor voor beleggers. Tegelijkertijd bieden de kabinetsplannen voor miljardeninvesteringen in infrastructuur, woningbouw en energie aanknopingspunten. Vooral elektriciteitsnetten en energieopslag kunnen de komende jaren interessante beleggingsthema’s zijn.